Een circuit gekoppeld aan een doel in groep 3

Hoe je vorm kunt geven aan een circuit in groep 3 en hoger

Door Angela: Het leek mij leuk om af en toe ook een blog te schrijven met daarin een gegeven les van een collega. Mijn collega van groep 3 wilde de aftrap wel doen. Ze werkt volledig volgens doelen en gebruikt hierbij meerdere middelen zoals de methode ‘Alles Telt’, het rekenprogramma ‘Met Sprongen Vooruit’ en onder andere ‘Gynzy’. Ze werkt met groep 3 in de vorm van een circuit. Haar voorbeeld is goed in te zetten in de andere groepen.

Met sprongen vooruit als basis

Aan de hand van de rekenkalender van ‘Met Sprongen Vooruit’, maakt ze altijd een planning voor het hele schooljaar. ‘Met Sprongen Vooruit’ biedt een compleet dekkend rekenprogramma voor groep 1 tot en met 4. Hierin zitten zijn alle leerlijnen/doelen verwerkt. Doelen komen per periode meerdere malen aan bod. Kinderen kunnen stickers verdienen voor hun rekendiploma. Dit diploma hoort ook bij ‘Met Sprongen Vooruit’.


Het doel van de les van vandaag was: Ik kan vanaf 0 in sprongen van 10 en huppen van 1 naar getallen springen op de getallenlijn. Door te springen naar getallen krijgen leerlingen inzicht in de decimale opbouw van getallen.

Manier van lesgeven

We werken op school volgens de ik-wij-jullie-jij manier, dit wordt ook wel gebruik bij EDI. De leerkracht start de les door zelf eerst via het digibord klassikaal een tool Getallenlijn te gebruiken op ‘Gynzy’. Ze noemt eerst alles zelf en met de kinderen samen maakt ze de getallenlijn visueel.

Vervolgens krijgen de leerlingen een getallenlijn per tweetal op de tafel. Ze starten gezamenlijk, de leerkracht noemt nadrukkelijk: ‘We beginnen altijd aan de linkerkant. We beginnen met een sprong van 10 en tellen gezamenlijk sprongen van 10 en gebruiken hierbij de kralenketting en bewegen de kralen ook op deze manier verder.’ Er wordt een uitbreiding van het doel gedaan. De leerlingen krijgen een opdracht en deze moeten ze uitvoeren. De opdracht luidt: ‘Maak 4 sprongen van 10 en 3 hupjes.’ De leerkracht noemt hierbij ook al de som 4×10. Een sprong is 10 en een hupje 1. De kinderen voeren de opdracht uit. Vervolgens noemt de leerkracht de naam van de leerling en stelt de vraag hoeveel het is. De leerling geeft het antwoord 43 en leerkracht legt vervolgens ook uit: ‘Ja! want het is 3.’ Wijst ook deze losse kralen aan. ‘En 40.’ Wijst de vier groepjes van 10 aan. Hierbij wordt de kralenketting gebruikt door de leerlingen en de getallenlijn staat op het bord. Er wordt een lege getallenlijn gebruikt.

Het getal wordt dan ook op het bord geschreven. De leerkracht noemt telkens eerst de sprongen en daarna de hupjes. Ze moddelt steeds, kijkt ook naar de getallenlijn, denkt na in haar hoofd. Tussendoor koppelt ook weer terug naar de verliefde harten van ‘Met Sprongen Vooruit’ wanneer een leerling een telfoutje maakt.

rekencircuit groep 3
Hulp bij het werkblad
rekencircuit groep 3
Spel straatje maken
rekencircuit groep 3
Doolhoftellen

Het circuit in groep 3

Na het inoefenen gaan ze het circuit bespreken. De leerkracht legt uit wat ze gaan doen. Het circuit bestaat uit drie activiteiten:  

  • Werkblad 36 en 37 van ‘Met Sprongen Vooruit’ – Springen naar getallen uit de werkbladenmap.
  • Het spel: Straatje maken 1 t/m 100 uit de rekenspellenkist voor groep 3. Straatje maken zit ook in de spellenkisten voor groep 4 en groep 5&6.
  • En op het Chromebook gaan ze bezig met de getallenrij met een spel van ‘Gynzy’ Doolhoftellen.

Het werkblad – Springen naar getallen

De leerkracht begeleidt kinderen tijdens het maken van het werkblad en gebruikt hierbij de grote kralenstang met de kralen. De leerlingen moeten zelf sprongen en hupjes maken op een werkblad van ‘Met Sprongen Vooruit’ van de leerlijn Springen naar getallen (werkblad 36 en 37). Ze laat kinderen zelf tellen met sprongen en huppen. Modelt hier ook weer bij. De kinderen vullen zelf het werkblad in.

Spel – Straatje maken 1 t/m 100

De leerkracht legt nogmaals kort uit wat de bedoeling van het spel Straatje maken is. Het doel van het spel is het ordenen van willekeurige getallen tot en met 100. Ze moeten de goede volgorde maken en noemt het doel van het spel: ‘Je gaat de getallen ordenen.’ De kaartjes worden op tafel gelegd op een stapeltje. Om de beurt draaien ze een kaartje om. De bedoeling is om vier kaartjes naast elkaar neer te leggen op goede volgorde, maar een getal mag er niet tussen gelegd worden. Heb je een straatje, dan heb je een punt. Kinderen gaan zelfstandig in een tweetal met het spel bezig. Het spel is eerder in het jaar meerdere keren uitgelegd en gespeeld in de groep, dus het is bekend. Ze voeren de opdracht samen uit. Elke leerling probeert zelf een straatje te maken.

Chromebook – Doolhof tellen

Zelfstandig maken ze met het spel een slang van getallen van 1 t/m 50 in de goede volgorde van de getallenrij. Wanneer het getal goed is, kleurt deze groen. Is het fout, dan kleurt deze rood.

Evaluatie

Na een ronde van 10 minuten bespreekt de leerkracht hoe het bij elk groepje ging. Ze kijkt hoe de kinderen hebben gescoord, maar benoemt hierbij ook dat het gaat om het spelletje. Ook bespreekt ze wat bij het werkblad moeilijk ging. Beeldt daar ook de sprong en het hupje met het lichaam uit. Laat leerlingen ook zelf lijfelijk Springen naar getallen. Helpt de kinderen na het doordraaien even op weg en ze gaan weer aan de slag. Telkens wordt er weer teruggekoppeld naar het doel van de les.

Tegenwoordig zijn er heel veel verschillende manieren om een circuit in te zetten bij een doel. In dit blog heb je dus een heel leuke manier gezien om dit binnen te doen in het klaslokaal met een groep 3. Het concept is prima te kopiëren naar een hogere groep. Ben je op zoek naar leuke materialen voor je rekencircuit, zie dan ook de tips hieronder uit de webwinkel van Onderwijswereld-PO.

Laat een reactie achter