Help de beelddenker zijn verhaal te vertellen

Door Tineke: Je kent ze wel: kinderen die zonder kop nog staart een verhaal vertellen. Het is voor jou als volwassene al lastig om er een touw aan vast te knopen, laat staan voor de kinderen in je klas. Hierdoor ontstaan er vaak onderlinge irritaties, stopt het kind met spontaan vertellen, duurt een kringgesprek eeuwig, hoor je steeds dezelfde verhalen, wijden ze uit bij het geven van een antwoordt waardoor je instructie uitloopt of kun je het zelf soms moeilijk opbrengen om met aandacht naar ze te blijven luisteren. In deze blog o.a. tips over hoe je hen kunt helpen bij het vertellen van een verhaal.

Alles tegelijk

Alles wat een beelddenker wil vertellen, speelt zich af in zijn hoofd. Een beelddenker vertaalt zijn ervaringen in klanken en woorden. Een nadeel is dat hij deze beelden in woorden moet vertalen om zijn verhaal aan anderen te kunnen vertellen. Het kan moeilijk zijn om een verhaal te vertellen dat anderen goed kunnen volgen. Waar begin je en wanneer is het afgelopen? Een beeld heeft immers geen begin en geen eind. Het verhaal dat je wilt vertellen wel.


Daarnaast hebben veel beelddenkers hun eigen taalgebruik ontwikkeld en hebben ze soms een ander plaatje bij een woord of een ander woord bij een plaatje bedacht en eraan gekoppeld. Bijvoorbeeld:

  • ‘dokter Bouwer’ in plaats van ‘Bob de Bouwer’;
  • ‘heerslievebeestje’ in plaats van ‘lieveheersbeestje’;
  • ‘open’ voor ‘dicht’, en ‘dicht’ voor ‘open’.

In de eerste voorbeelden kan je als luisteraar nog wel bedenken wat ze echt bedoelde, maar bij het onderste voorbeeld kun je echt de weg kwijt zijn. Doordat veel beelddenkers onvoldoende in (chronologische) volgorde hun verhaal kunnen vertellen en bovendien vaak hun eigen taalgebruik hanteren, kunnen anderen moeilijk volgen wat zij vertellen.

 

 

32 beeldjes per seconde

Beelddenkers kunnen heel snel denken: ze denken vaak wel 32 beeldjes per seconde. Op de televisie zie je momenteel ongeveer 25 beelden per seconde. Dit is voor de meeste mensen goed te volgen. Wanneer je in taal denkt, kun je ongeveer in 2 woorden per seconde denken. Wanneer een beelddenker (enthousiast) vertelt mist hij vaak de details. Hij bekijkt de dingen vooral in een geheel. Wanneer je aan een beelddenker vraagt: ‘Waar denk je aan?’ of: ‘Hoe kom je nu op dit antwoord?’ kan het zijn dat je het volgende antwoord krijgt: ‘Dat weet ik niet.’ Of je krijgt helemaal geen antwoord. Soms kunnen de kinderen niet zeggen hoe ze tot die oplossing gekomen zijn doordat hun denken zo snel en intuïtief gaat. Non-verbale begripsvorming is gewoonlijk onbewust, snel en je ziet het beeld er ook niet bij. Ook kan het zijn dat het antwoord dat een beelddenker op een vraag geeft soms helemaal niet logisch lijkt. Dit komt doordat hij met zijn gedachten al veel verder is dan hij zelf mondeling kan bijhouden tijdens het vertellen van zijn verhaal. Hecht daarom minder waarde aan het verwoorden van tussenstapjes.

Wat jij als volwassen kunt betekenen

Neem eens een kijkje in de wereld van de logopedist. Zij hebben veel speelse werkvormen om kinderen in de juiste volgorde een verhaal te leren vertellen.

  • Denk maar eens aan logische reeksen. Op Pinterest zijn ze te vinden voor elk niveau.
  • Onderscheid maken tussen hoofdzaken en bijzaken.

Wat is belangrijk voor je verhaal en wat is minder van belang? De kleur van je jurk hoeft bijvoorbeeld niet belangrijk te zijn als je iets vertelt over wat je allemaal hebt gedaan op een dag.

  • Welke informatie hoort er in een verhaal?
  • Waar gaat het over?
  • Over wie gaat het?
  • Wat gebeurt er?
  • Waar gebeurt het?
  • Wanneer gebeurt het?
  • Waarom gebeurt het?
  • Hoe gebeurt het?

Zelf maak ik bij bovengenoemde vragen gebruik van het dikke mannetje of de visstructuur. Dit geeft de beelddenker een visueel houvast.

Het dikke mannetje


De visstructuur

Je eigen weg

Een andere leuke manier om je verhaal te vertellen is deze: Lees een prentenboek voor. Kopieer de hoofdzaken (zo leer je het kind al jong hoofd- en bijzaken scheiden) en laat ze in de volgorde van het verhaal neerleggen op een zelfgemaakte weg. Laat het kind het verhaal al wandelend opnieuw vertellen.

Laat het kind van tevoren een strip verhaal tekenen of denk er eens aan om een verhaal uit te laten bouwen met lego. Ik gebruik hiervoor de materialen van LEGO® Education StoryTales. Maar misschien nog wel de belangrijkste tip: maak ruimte op een vaste tijd in je rooster om een gesprekje aan te knopen met de beelddenker. Ze hebben meer te vertellen dan je denkt. Heb meer praktische tips? Plaats ze dan in de reacties onder deze blog. Laten we elkaar inspireren!

Gaming DealsGaming Deals

Laat een reactie achter